thumb

Als de aandeelhouder zich roert

Memo | 9-2-2016 | 286
thumb

Als commissaris dien je het belang van de organisatie. Als aandeelhouder heb je vooral een financieel belang en zie je het liefst stijgende koersen, waarde en een hoog dividend. Wat als deze belangen botsen? Hoe ga je als commissaris om met mondige aandeelhouders? We vroegen het aan Bas van der Vegte, founding partner bij Chestnut Corporate Finance.

Voorafgaand aan een groot besluit, zoals een verkoop of een grote transactie, kan een aandeelhouder zich gaan roeren.

Hoe moet je daar als RvC mee omgaan?

‘Je ziet in dit soort situaties inderdaad vaak dat de belangen van de betrokken partijen kunnen verschillen. De ene partij wil continuïteit. De ander wil een korte termijn opbrengst. Hoe voer je die discussie? De belangen zijn hier groot. Mijn advies is daarom om een objectieve, onafhankelijke derde partij in te schakelen met een goede reputatie en veel ervaring, die goed met een belangentegenstelling kan omgaan. Deze adviseur kan zorgen voor een objectief proces, door heldere analyses te maken van zaken zoals de sector/markt waarin het bedrijf opereert, de waardering, liquiditeit en financiering. Op basis van deze analyses kun je als commissaris beter een eigen oordeel baseren.’

Hoe helpt dit de relatie tussen RvC en aandeelhouder?

‘Objectieve en goede analyses zorgen ervoor dat de discussie op feiten gevoerd kan worden. Dit zorgt voor duidelijkheid en een compleet beeld, voor alle partijen. Je wilt niet dat er beslissingen genomen worden op ondeugdelijke gronden of onjuiste aannames. Daar wordt niemand beter van.’

Als je kiest voor een adviseur, waarop moet je dan letten?

‘Ik raad commissarissen aan om hun huiswerk heel goed te doen. Je kunt voor de grote naam kiezen, een accountantskantoor dat iedereen kent, maar je wilt een ervaren professional met goede reputatie die het werk kan uitvoeren. Je huurt dus geen “bedrijfsnaam”. Of het dus gaat om een verkoop, een herkapitalisatie, begeleiding van een herstructurering of van een financieringsronde, win altijd meerdere referenties in. Bel rond. Ga niet zomaar met iemand in zee.’ Het zal niet altijd nodig zijn om een derde partij in te schakelen. Ook in de dagelijkse gang van zaken kan een aandeelhouder zich roeren. Wat doe je dan? ‘Probeer erachter te komen vanuit welk belang de aandeelhouder denkt. Waarom roert hij of zij zich? Is het een persoonlijk belang? Of is er meer aan de hand? Ik zou de voorzitter van de RvC altijd adviseren om actie te ondernemen. Ga met elkaar praten. Luister goed. En wees niet defensief. Misschien kun je het probleem meteen oplossen, misschien juist niet, of is er helemaal geen probleem maar dan heb je er wel kennis van genomen en weet je dus goed wat er speelt.’

Heeft u tot slot nog een laatste tip voor commissarissen?

‘Zorg als RvC voor een goede liquiditeitsplanning die het management ook zelf gebruikt. Maak hier ruimte voor en volg die planning en de actuele situatie het hele jaar door. Kijk niet alleen naar de cash flow. Je liquiditeit bepaalt je continuïteit en als die goed is, dan weet je dat daar geen onverwachte nare dingen kunnen gebeuren. En die duidelijkheid, daar is iedereen bij gebaat. Ook de aandeelhouder!’